De kleur van kleding blijft niet onbeperkt exact hetzelfde. Textiel wordt tijdens gebruik blootgesteld aan wassen, wrijving, warmte, wasmiddelen, licht en slijtage. Daardoor kan de uitstraling van een stof geleidelijk veranderen.
Niet ieder zichtbaar kleurverlies heeft precies dezelfde oorzaak.
Kleurstof kan geleidelijk verloren gaan
Tijdens herhaalde wasbeurten kan een deel van de kleurstof uit het textiel vrijkomen. Hoe sterk dit gebeurt, verschilt per materiaal, kleurstof en productiemethode.
Vezels kunnen slijten
Kledingstukken bewegen tijdens dragen en wassen langs elkaar. Door die mechanische belasting kan het oppervlak van het textiel veranderen. Vooral bij donkere stoffen kan slijtage aan de vezels ervoor zorgen dat een oppervlak lichter of matter lijkt.
Licht kan kleuren aantasten
Langdurige blootstelling aan sterk zonlicht kan bepaalde kleurstoffen laten verbleken. Dit kan zowel tijdens dragen als tijdens drogen gebeuren.
Warmte en intensieve behandeling spelen mee
Een hogere temperatuur en zwaar programma zijn soms nodig, maar vormen ook een sterkere belasting voor textiel dan een mildere geschikte behandeling.
Chemische behandeling kan kleur beïnvloeden
Een wasmiddel of bleekmiddel dat niet bij gekleurd textiel past, kan onnodige invloed hebben op de kleur.
Kleurbehoud draait daarom niet om één truc. Het gaat om het beperken van onnodige belasting tijdens de volledige levensduur van het kledingstuk.
Dat betekent ook dat een T-shirt dat na vijf jaar dragen iets minder intens van kleur is niet automatisch verkeerd is gewassen. Normale slijtage blijft bestaan.