Het juiste wasprogramma begint niet bij de knop op de wasmachine, maar bij het waslabel van het kledingstuk. Daarop staat onder meer of het materiaal in de wasmachine mag en welke behandeling het aankan.
Kijk daarna naar vier zaken:
- Het materiaal. Katoen kan doorgaans tegen een intensievere trommelbeweging dan wol, viscose of andere kwetsbare stoffen.
- De mate van vervuiling. Licht gedragen kleding heeft meestal geen lang en intensief programma nodig.
- De toegestane temperatuur. Het waslabel geeft aan welke temperatuur het kledingstuk aankan.
- De hoeveelheid wasgoed. Speciale en korte programma’s hebben vaak een lagere maximale belading dan een standaard katoenprogramma.
Een programma is dus meer dan een temperatuurinstelling. De wasmachine kan per programma ook de trommelbeweging, centrifugesnelheid, waterhoeveelheid en programmaduur aanpassen.
Daarom is bijvoorbeeld Katoen 40 °C niet automatisch hetzelfde als een ander programma dat eveneens rond 40 °C wast.
De exacte instellingen verschillen bovendien per wasmachine. Controleer bij twijfel de programmatabel in de handleiding van jouw model.